De oorlog van je afsmijten

Marleen Scholten maakt samen met Sara Giampaolo de voorstelling Over de hond, de snor en alles wat daartussen zit (8+) en Marleen speelt er ook in, samen met elf kinderen en een drummer. Op 4 en 5 mei is de voorstelling te zien in Maaspodium, Rotterdam.

-interview

Waarom wilden jullie deze voorstelling maken?
Marleen: “We raakten allebei geïnteresseerd in de vraag: hoe kun je theater maken over de Tweede Wereldoorlog en maak je toch de verbinding met het nu, nu er op allerlei plekken in de wereld oorlog is. Omdat we een 8+ voorstelling maken, vonden we het interessant om niet alleen voor kinderen te spelen, maar ook in hun belevingswereld te stappen. Hoe zou het zijn als je kind was van die grote leiders die dit soort oorlogen zijn begonnen en nog steeds beginnen. Of stel dat Hitler kinderen had, wat zouden ze dan nu zeggen tegen hun vader? Hitler had een hond, genaamd Blondi, en daar hield hij zielsveel van. Hoe kan een mens zoveel van een dier houden en zoveel haat voelen tegen de mens? Eigenlijk is de voorstelling een protest van de kinderen. Ze kaarten aan wat een puinzooi de volwassenen ervan maken, alsof zij dat moeten oplossen. Waarom lukt het ons volwassenen niet? Zijn kinderen verantwoordelijk of schuldig voor iets wat hun ouders hebben gedaan? Zijn zij het die ons moeten redden?”

Lukt het de kinderen om zich te verbinden aan het thema oorlog?
Marleen: “De kinderen zijn tussen de 8 en de 12 jaar. Ze weten echt al heel veel specifiek over de Tweede Wereldoorlog. Dat is heel bijzonder. Ze zijn heel wijs. Als je ze vraagt naar de huidige situatie in de wereld, dan weten ze daar ook veel van. Kinderen boven de 10 krijgen zoveel meer mee dan wat wij vroeger meekregen toen we die leeftijd hadden. Dat vind ik ook wel ontroerend. Ze vinden het heel leuk om theater te maken, maar er zijn ook kinderen specifiek op dit onderwerp afgekomen omdat ze dit interessant vonden. Als theatermaker vind ik het inspirerend om te werken met mensen die niet uit de theaterwereld komen. Dat vind ik ook heel spannend, want ik heb in mijn leven nog nooit een voorstelling voor kinderen gemaakt. Sara, met wie ik de voorstelling maak, gelukkig wel.

Wat moeten kinderen weten over oorlog en waar moeten we hen voor afschermen?
Marleen: “Ik kan alleen maar refereren aan hoe ik mijn eigen kind heb opgevoed. Ik zou altijd over alles praten. Er is een heel groot verschil in hoe je iets in beelden laat zien en hoe je iets in woorden kunt vatten. Heel gechargeerd: als er ergens bommen vallen, vind ik het belangrijk dat je daar met een kind over praat, maar ik zou het nooit laten zien. Het heeft voor mij heel erg te maken met de beeldvorming en de sensatie die er omheen hangt, zowel in de fictie als in de werkelijke wereld. Ik hoop met deze voorstelling zinnen te vangen die meteen bij je binnenkomen en dat het in die eenvoud gaat zitten.”

Hoe kan je publiek het beste raken met geschiedenis?
Marleen: “We vragen de kinderen naar hun eigen familie en geschiedenis. Ze hebben allemaal een andere achtergrond, dus het is heel interessant om die familiegeschiedenissen naast elkaar te leggen. De thematiek van oorlog is zeer actueel. Als het gaat om het kwaad, de haat, de xenofobie, de angst, je beter voelen dan iemand anders, dat is allemaal tijdloos. De Tweede Wereldoorlog is een enorme les over en voor vandaag. Natuurlijk maken we een link met het heden, het gaat ook over de mechanismes van het kwaad en de schuld. Ik woon in Italië en hier zijn fascistische uitlatingen aan de orde van de dag. Dat is minder ver van mijn bed dan ik zou willen. Dat gedachtegoed is heel sterk aanwezig en zeker niet alleen in Italië. Je kan mensen altijd raken door middel van de kunst over dit soort onderwerpen. Dat je met elkaar iets angstigs beleeft en dat je ruimte probeert te vinden voor het verwerken daarvan. Die overlevingsstand vind ik ook bewonderenswaardig aan de mensheid.”

Kun je iets vertellen over de vorm van de voorstelling?
Marleen: “De vorm wordt heel fysiek. We werken met een soort sportkamp, een referentie naar de Hitlerjugend. Zolang je maar fit bent. Dat fysieke gebruiken we ook om iets van je af te smijten, de oorlog, de haat, iets waar je geen deel van wil uitmaken. We hebben een drummer die meespeelt en die het ritme onder de voorstelling legt, het ritme om door iets heen te breken. Een fysieke aanklacht tegen de haat, tegen de angst.”

Reageer