Gurs, Frankrijk, mei 1940. In het interneringskamp waar Hannah Arendt samen met zo’n zevenduizend andere voornamelijk Joodse vrouwen en kinderen gevangen wordt gehouden, overweegt ze voor het eerst in haar leven zelfdoding. Niet door de barre omstandigheden in het kamp, maar door het overweldigende gevoel dat de wereld zich in een toestand bevindt die niet te redden valt. Toch trekt ze een naar eigen zeggen ‘ietwat geestige’ conclusie; je kunt een wereldlijk probleem niet bestrijden met een individuele oplossing.
In Nog niet afgelast kijken we met de ogen van nu naar de wereld van gisteren. Bestaat die wereld nog? Of was die al die tijd al een illusie? Waar houdt het in stand houden van het probleem op en begint het bijdragen aan de oplossing? En kan je in je eentje de wereld redden? Nog niet afgelast is een ode aan de complexiteit. Een schreeuw om verdraagzaamheid. En een stomp in de maag van iedere dogmatist.
Cast
Maria Kraakman speelt in Nog niet afgelast, een tekst van Vincent van der Valk in een regie van Ludwig Bindervoet.
Theater Na de Dam in Carré
Jaarlijks produceert Theater Na de Dam op 4 mei, in het kader van de Nationale Dodenherdenking, een avond in de piste van Carré en initieert daarbij ontmoetingen tussen kunstenaars die nooit eerder samenwerkten. Zo kruiste Wende de degens met Typhoon en Adriaan van Dis, danste Pierre Bokma met Igone de Jongh, schudden Jacob Derwig en Liza Ferschtman het publiek wakker, deed Malou Gorter een tekst van Nathan Vecht en speelde Mariana Aparicio Torres op de noten van Maat Saxophone Quartet.
Muziek in Nog niet afgelast
1. Figure humaine, FP 120: III Aussi bas que le silence
Muziek van Francis Poulenc, de tekst is een gedicht van Paul Éluard, Nederlandse vertaling van Clemens Romijn.
2. 2e deel van het hoboconcert van Ralph Vaughan Williams.
3. War Requiem, Op 66: 1. Requiem aeternam
Muziek van Benjamin Britten, de tekst is een gedicht van Wilfred Owen, Nederlandse vertaling van Tom Lanoye.
4. 2e deel van de derde symfonie, ‘Symphony of Sorrowful Songs’
Muziek van Henryk Górecki. De tekst is op de muur van een cel gekrast door Helena Wanda Blazusiakówna.